Guyana deel 2: toeristenkaart, dresscode en menselijke maat

Wat een opluchting!  Sinds eind november 2011 is er voor toeristenbezoek aan Suriname geen visum meer nodig. Je kunt een toeristenkaart kopen bij vertrek van Schiphol of bij aankomst in Paramaribo . Kost iets meer dan de helft van een visum en scheelt een tocht naar het consulaat in Amsterdam.

De toeristenkaart die toch geen visum vervangt

Het is een vierkant papiertje.” Goed bewaren”,  zeggen ze op Schiphol. “Goed bewaren”, zeggen ze na afstempelen in Suriname. Hierna vraagt niemand er nog naar. Bij vertrek bood ik de immigratie ambtenaar mijn toeristenkaart aan: “als ik het nodig heb, zal ik erom vragen”, bromde de man nors.

Het papiertje is goed voor een enkele binnenkomst. Een spontane trip tussendoor naar Guyana moet kunnen. Je koopt immers bij aankomst een nieuwe kaart, toch?  Mensen kijken in Guyana, natuur bewonderen en lekkere rum proeven, vrijdag heen en zondag terug.  Ik heb er geen spijt van gekregen, hoewel een licht sadomasochistische instelling het plezier ongetwijfeld had verhoogd.

Regionaal vliegveld Zorg en Hoop, januari 2012, half acht ’s morgens. Bij het uitstempelen vraagt de vrouwelijke immigratie-ambtenaar: “bent u van plan terug te komen? Dat gaat niet, want u heeft geen visum”.” Ik kan toch een toeristenkaart kopen bij aankomst?”. “Nee, die verkopen we alleen op de internationale luchthaven”. Desondanks maak ik me geen moment zorgen, want we zijn in Zuid-Amerika, waar de menselijke maat regeert. Je weet van tevoren dat het  toch gaat lukken om terug te reizen, maar dat het tegelijk een unieke belevenis zal zijn. Reden temeer om gauw in het vliegtuig te stappen!

Bij aankomst in het hotel in Georgetown de telefoongids geopend en de Surinaamse ambassade gebeld. Meteen gevraagd naar iemand die Nederlands spreekt. Dan krijg je tenminste een Surinaamse ambtenaar die hoger in de hiërarchie zit dan een Guyanese telefonist.  “O mevrouw, ik heb een groot probleem, u moet me helpen! Ik wist niet dat ik een visum nodig had om terug te reizen”. “Oké,  kom voor half twaalf langs met twee pasfoto’s, uw paspoort en 25 US dollars”. Opgelost, niet? Surinamers hadden het even onderling geregeld. Maar ik had geen rekening gehouden met de Guyanezen.

De  taxichauffeur wist wel waar ik pasfoto’s kon maken: veertig jaar terug in de tijd. In een verweerd betonnen gebouw van twee verdiepingen in centrum Georgetown met op de begane grond wat winkeltjes en loketten waar niets te koop is. Donkerbruine houttinten met houten banken voor de onfortuinlijke wachtenden. Ambtelijk sfeertje, met winkeldames in conservatief bruine rokken en broekpakken (later zal blijken waarom). Witgeverfde houten hokjes waar je op een bankje gaat zitten op uitnodiging van een dame  met een camera om haar nek. Ze nam de foto’s uit de hand, zonder statief.  Uiteindelijk heeft het een uur geduurd, twee pogingen en de inzet van drie dames: één voor het nemen van de foto, één voor het uitprinten van de foto’s en eentje om de foto’s op maat te knippenen en in een papieren zakje te stoppen.

Dresscode in effect

Na een aangenaam ritje door een chiquere wijk, kwamen we bij de ambassade aan.  Wij drieën en de taxichauffeur. Ik stapte uit, en wandelde triomfantelijk naar de poort, pasfoto’s in de hand. Een korte creoolse bewaakster van in de veertig liep naar me toe, keek me van achter het traliewerk aan en zei streng: “U mag niet naar binnen”. “Waarom?” vroeg ik. “U heeft geen lange broek aan”. Ze wees onverbiddelijk naar het bordje aan de poort: dresscode in effect, no slippers, short pants, topless blouses.  Het was haar moment om te schitteren. Ze mocht Guyana’s trots verdedigen: de dresscode. Om de dresscode is veel te doen in het oerconservatieve Guyana, waar bijvoorbeeld op homoseksualiteit formeel nog altijd gevangenisstraffen staan. Op sodomie staat zelfs levenslange gevangenisstraf.

Er volgde een noodgedwongen verkleedpartij in de taxi. Een van ons drieën had een lange broek aan en met mijn schoenen lukte het uiteindelijk het aanvraagformulier te halen, dat ik vervolgens in de taxi kon invullen.  De taxichauffeur genoot zichtbaar van de komedie, maar bleef tegelijkertijd moed inspreken: “hou vol, geef niet op, blijf rustig, vul het formulier in, je hebt geen keus”.  Uiteindelijk moest hij ook hoofdschuddend bekennen: als we in Guyana ooit serieus aan toerisme willen doen, moeten we dit soort regels toch aanpassen, want “Dem tourists don’t like to wear trousers the whole day”.

Na een lunch in een echt Indiaas restaurant, verschenen we geheel volgens afspraak om half drie ’s middags – ik nu met een lange broek aan – bij de ambassade om het paspoort met visum af te halen. De vrouwelijke bewaker was echter niet van plan zich zomaar gewonnen te geven. “Visa worden na twaalf uur niet meer verstrekt, u mag niet naar binnen”.  “Maar ik heb een afspraak”.”Waar is uw legitimatie?”. “Die ben ik komen ophalen, want dat is mijn paspoort”. Ik had er genoeg van en stond op het punt over het hek te klimmen, toen uit het niets de verlossing kwam. “Let him in, just let him in” klonk het op vaderlijke toon. De glimlachende mannelijke collega van de bewaakster, die kennelijk ook genoeg had van de vertoning.

De tweede taxichauffeur, een hardrock-minnende vlotte eind twintiger van hindoestaanse afkomst, legde later vrolijk lachend uit dat met de dresscode niet valt te spotten. Er wordt op gecontroleerd. Misschien dat hij daarom eens per jaar met zijn auto naar het liberalere en dresscode – vrije Suriname rijdt voor een korte vakantie. Waar hij minder over te spreken was, was het rijgedrag van de Surinaamse automobilisten: “They drive fast, man”. En gelijk heeft hij.

De menselijke maat

Zoals zo vaak in Zuid-Amerika en het Caraïbisch gebied weet je van tevoren dat je in nood kunt rekenen op het toepassen van de menselijke maat, wat tegelijkertijd ook een stukje authenticiteit met zich meebrengt. Je voelt je geen nummer meer. In Guyana is dit echter (nog) niet van toepassing op de dresscode. Toch heeft de menselijke maat ook daar uiteindelijk letterlijk de poorten geopend.

De menselijke maat. Je ontwikkelt er door de jaren heen een gevoel voor, een gevoel over hoe de regels worden toegepast en de ruimte die je kunt nemen.  Je beseft dan ook hoe uitzonderlijk en kil een land als Nederland eigenlijk is, waar menselijkheid  compleet ondergeschikt is gemaakt aan een overdaad aan regels.

Ik ben blij dat ik me die vrijdagochtend niet aan de regels heb gehouden, hoewel ik wist dat terugreizen niet zou lukken zonder oprecht drama, frustraties, ergernissen en hilarische momenten.  Momenten die ik voor geen geld  had willen missen.

Post a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Los het sommetje op Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Top